<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><?xml-stylesheet type="text/xsl" href="/metadata/stylesheets/dc/extern/metadata.xsl"?><rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/" xmlns:dcmiBox="http://dublincore.org/documents/2000/07/11/dcmi-box/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:ows="http://www.opengis.net/ows">
	<rdf:Description rdf:about="http://dublincore.org/">
		<dc:identifier>42107749-7882-433c-80d6-b64cd13e5844</dc:identifier>
		<dc:title>Effect van de aanwijzing van foerageergebieden op overwinterende ganzen in Overijssel</dc:title>
		<dc:description>Het rapport "Effect van de aanwijzing van foerageergebieden op overwinterende ganzen in Overijssel" is geschreven door P.W. Hendriksma, met medewerking van P. Bremer en R. Hoeve en door de provincie Overijssel gepubliceerd op 10 december 2007. VOORWOORD - Nederland heeft internationaal een verantwoordelijkheid voor de opvang van ganzen in de winter. De Nederlandse graslanden en akkers leveren recent aan 1,5 miljoen ganzen per winterhalfjaar voedsel. Het aantal overwinterende ganzen is tussen 1990 en 2005 landelijk flink toegenomen. Dit geldt eveneens in Overijssel, waar de laatste jaren per winter ongeveer 50.000 ganzen overwinteren. Door deze stijgende aantallen is de door LNV te vergoeden ganzenschade aan landbouwgewassen ook sterk toegenomen. Daarom is enkele jaren geleden in samenspraak tussen LNV, LTO, provincies, natuurbeschermende organisaties en jagersvereniging, het zogenaamde Beleidskader Faunabeheer, nieuw beleid ingezet. Kern is dat de provincies foerageergebieden voor overwinterende ganzen aanwijzen. En dat daarbuiten de ganzen verjaagd worden. Vanaf de aanwijzing in 2004 overwintert gemiddeld 56 procent van de Overijsselse ganzen in aangewezen foerageergebied en in het door de Vogelrichtlijn beschermde IJsseluiterwaardengebied. Dit is enkele procenten meer dan voor de aanwijzing van de foerageergebieden. Het aandeel van 44 procent erbuiten betekent evenwel dat gemiddeld zo’n 20.000 ganzen van oktober tot april op boerenland buiten aangewezen foerageergebied grazen. Dit rapport gaat na hoe de aanwijzing van de foerageergebieden in Overijssel tot nu toe heeft gewerkt en welke maatregelen nodig zijn om het aantal ganzen buiten de foerageergebieden in de toekomst verder te laten dalen. Met deze cijfermatige onderbouwing kan de provincie de toekomst van de ganzenopvang bepalen, ook als de context daarvan wijzigt.</dc:description>
		<dcterms:references>K:\BAB-Archief\2019\190100</dcterms:references>
		<dcterms:relation>190100_040</dcterms:relation>
		
			<dc:relation>https://www.geoportaaloverijssel.nl/attachment/42107749-7882-433c-80d6-b64cd13e5844/040_2007_Effect_van_de_aanwijzing_van_foerageergebieden_op_overwinterende_ganzen_in_Overijssel.pdf</dc:relation>
		
		<dc:type>Rapport</dc:type>
		
			<dc:typeresearch>Onderzoek</dc:typeresearch>
		
		<dc:creator>Provincie Overijssel: eenheid Publieke Dienstverlening</dc:creator>
		<dc:publisher>Provincie Overijssel</dc:publisher>
		<dc:contributor>Provincie Overijssel</dc:contributor>
		<dc:rights>Geen restricties</dc:rights>
		<dc:rights rdf:datatype="gebruiksrestricties">De bron mag ook voor externe partijen vindbaar zijn</dc:rights>
		<dc:format>Adobe Acrobat: PDF</dc:format> 
		<dc:source>P.W. Hendriksma m.m.v. P. Bremer en R. Hoeve</dc:source>
		
			<dc:date>2007-12-10</dc:date>
		
		
			<dcterms:issued>2024-08-26</dcterms:issued>
		
		<dcterms:valid>
			
			
		</dcterms:valid>
		
		
			<dc:subject>theme: floraFauna</dc:subject>
		
			<dc:subject>theme: natureLandscape</dc:subject>
		
		<dc:language>Nederlands</dc:language>
		<ows:WGS84BoundingBox>
			<ows:LowerCorner>52.115 7.090</ows:LowerCorner>
			<ows:UpperCorner>52.853 5.791</ows:UpperCorner>
		</ows:WGS84BoundingBox>
	</rdf:Description>
</rdf:RDF>