<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><?xml-stylesheet type="text/xsl" href="/metadata/stylesheets/dc/extern/metadata.xsl"?><rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/" xmlns:dcmiBox="http://dublincore.org/documents/2000/07/11/dcmi-box/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:ows="http://www.opengis.net/ows">
	<rdf:Description rdf:about="http://dublincore.org/">
		<dc:identifier>d52d9c9c-403d-4456-b197-52be23207928</dc:identifier>
		<dc:title>Nulmeting insecten van ecologisch beheerde bermen in Overijssel</dc:title>
		<dc:description>Het rapport is geschreven door Theo Zeegers, John T. Smit en Linde Slikboer en gepubliceerd in november 2018.
Samenvatting - In opdracht van de provincie Overijssel heeft EIS Kenniscentrum Insecten een nulmeting uitgevoerd van de insectenfauna van ecologisch beheerde bermen in de provincie. Deze bermen worden sinds de jaren 1980 ecologisch beheerd, maar niet eerder speelden insecten bij de evaluatie van het beheer een rol. In het kader van de nieuwe natuurvisie wil de provincie daarin veranderingen aanbrengen door nadrukkelijk aandacht te schenken aan insecten. De belangrijkste groep waarnaar gekeken is tijdens deze eerste inventarisatie zijn de bijen. Verder is er ook gekeken naar dagvlinders, libellen en sprinkhanen. Daarnaast zijn ook de zweefvliegen als groep van belangrijke bestuivers meegenomen. In totaal zijn er 60 transecten in bermen onderzocht, deze lagen verspreid over de provincie en verdeeld over verschillende landschapstypen met een grote verscheidenheid aan kenmerken en karakteristieken. De inventarisatie is uitgevoerd naar een standaardprotocol, 45 minuten voor een transect van 200 meter lengte, met twee ronden, in het voorjaar en in de zomer. Aanvullend is nog een derde ronde van 20 minuten per transect uitgevoerd, met name voor de sprinkhanen. In totaal zijn er 56 soorten bijen, 59 zweefvliegen, 22 dagvlinders, 28 libellen en 21 sprinkhanen waargenomen tijdens deze inventarisatie. Hieronder bevonden zich 31 zeldzame soorten en 9 soorten die op de Rode Lijst staan. Twee daarvan zijn voor hun voorkomen deels afhankelijk van wegbermen: de sprinkhaan Locomotiefje en de Ranonkelbij. Het totaal aantal soorten dat in de bermen is aangetroffen is relatief beperkt, met voor bijen en zweefvliegen respectievelijk 16 en 19 procent van de inheemse fauna. Dit percentage is vergelijkbaar met andere onderzoeken die zijn uitgevoerd in bermen, waarbij de zweefvliegen gemiddeld net iets hoger scoren dan in andere onderzoeken. Klaarblijkelijk kan maar voor een beperkt deel van de inheemse soorten voldaan worden aan de ecologische randvoorwaarden. Voor bijen zijn dat naar alle waarschijnlijkheid de beperkte mogelijkheden voor geschikte nestelplekken. Voor zweefvliegen geldt dat hun ecologie zo divers is dat een groter percentage aan soorten hier een plek kan vinden, denk daar bijvoorbeeld aan de bijvliegen die talrijker zijn in bermen met mais er naast, waarbij de mate van bemesting de drijvende factor is. De belangrijkste conclusie van dit onderzoek is dat de kwaliteit van de fauna van vliegende insecten in wegbermen in Overijssel sterk afhangt van de kwaliteit van de omgeving van de wegberm. De totale abundantie in wegbermen verschilt weliswaar weinig naar landschapstype, maar de samenstelling ervan hangt sterk samen met het omliggende landschap en de aanwezigheid van mais. Dit is vooral af te lezen aan de zeldzame soorten en soorten van de Rode Lijst. Wegbermen in natuur of natuurlijke omgeving herbergen een rijkere insectenfauna dan wegbermen in agrarisch gebied. In die laatste categorie zijn wegbermen langs mais nog veel armer. De belangrijkste aanbeveling is dan ook: kies de locaties voor het uitvoeren van ecologisch beheer zorgvuldig, zeker in het geval van een beperkt budget. Op die manier kunnen de middelen op een zo efficiënt mogelijke manier worden ingezet. </dc:description>
		<dcterms:references>K:\BAB-Archief\2019\190100</dcterms:references>
		<dcterms:relation>190100_029</dcterms:relation>
		
			<dc:relation>https://www.geoportaaloverijssel.nl/attachment/d52d9c9c-403d-4456-b197-52be23207928/029_2018_Nulmeting_insecten_van_ecologisch_beheerde_bermen_in_Overijssel.pdf</dc:relation>
		
		<dc:type>Rapport</dc:type>
		
			<dc:typeresearch>Monitoring</dc:typeresearch>
		
		<dc:creator>Provincie Overijssel: eenheid Publieke Dienstverlening</dc:creator>
		<dc:publisher>Provincie Overijssel</dc:publisher>
		<dc:contributor>Provincie Overijssel</dc:contributor>
		<dc:rights>Geen restricties</dc:rights>
		<dc:rights rdf:datatype="gebruiksrestricties">De bron mag ook voor externe partijen vindbaar zijn</dc:rights>
		<dc:format>Adobe Acrobat: PDF</dc:format> 
		<dc:source>T. Zeegers, J.T. Smith en L. Slikboer</dc:source>
		
			<dc:date>2018-11-01</dc:date>
		
		
			<dcterms:issued>2024-08-21</dcterms:issued>
		
		<dcterms:valid>
			
			
		</dcterms:valid>
		
		
			<dc:subject>theme: floraFauna</dc:subject>
		
			<dc:subject>theme: natureLandscape</dc:subject>
		
		<dc:language>Nederlands</dc:language>
		<ows:WGS84BoundingBox>
			<ows:LowerCorner>52.115 7.090</ows:LowerCorner>
			<ows:UpperCorner>52.853 5.791</ows:UpperCorner>
		</ows:WGS84BoundingBox>
	</rdf:Description>
</rdf:RDF>