<?xml version="1.0" encoding="UTF-8" standalone="no"?><?xml-stylesheet type="text/xsl" href="/metadata/stylesheets/dc/extern/metadata.xsl"?><rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/" xmlns:dcmiBox="http://dublincore.org/documents/2000/07/11/dcmi-box/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:ows="http://www.opengis.net/ows">
	<rdf:Description rdf:about="http://dublincore.org/">
		<dc:identifier>fbebd3ba-952c-4046-9605-c10d985827a8</dc:identifier>
		<dc:title>Faunaverkeerslachtoffers in 2008-2009 op provinciale wegen in Overijssel</dc:title>
		<dc:description>Het rapport is gepubliceerd in september 2010 door de provincie Overijssel. Het is geschreven door P.G.A. ten Den van Bureau ten Den Flora en Fauna, en P. Bremer en P.W. Hendriksma van de provincie. SAMENVATTING - Aanrijdingen met dieren kunnen leiden tot gevaarlijke situaties op de wegen. Het gaat hierbij niet alleen om aanrijdingen met grotere dieren als reeën, die rechtstreeks schade en letsel kunnen veroorzaken, maar ook om het ontwijken van overstekende of al aangereden dieren. Jaarlijks worden er tussen de 150 en 200 ongevallen op de provinciale wegen in Overijssel gemeld bij de politie. Deze ongevallen worden aan de provincie doorgegeven. Het betreft echter uitsluitend ongevallen met grotere dieren als reeën, honden en bijvoorbeeld zwanen. Het werkelijk aantal ongevallen zal vele malen hoger liggen. Om een beter beeld te krijgen van het werkelijk aantal faunaslachtoffers is registratie van alle faunaslachtoffers noodzakelijk, niet alleen vanwege het bovengenoemde veiligheidsaspect, maar ook vanuit ecologische overwegingen en wettelijke bepalingen. De Florawet en faunawet verplicht beheerders om maatregelen te nemen om faunaslachtoffers te voorkomen, daar waar dat in alle redelijkheid mogelijk is. Als provincie moeten wij aan kunnen tonen dat we ons hiervoor inspannen, bijvoorbeeld door het onderhouden van een registratiesysteem, het mede op basis hiervan aanbrengen van faunavoorzieningen en het evalueren van al aangelegde faunavoorzieningen. Hoe vaak en waar diersoorten slachtoffer van het verkeer worden, is onder andere afhankelijk van de leefwijze en het gedrag van de verschillende soorten, de verspreiding van de soorten, de aanwezige aantallen, de dichtheid aan wegen en de landschapsstructuur. In open gebieden worden dieren minder snel slachtoffer dan in meer gesloten, kleinschalige landschappen. In het voorjaar en de zomer treedt gemiddeld genomen een toename op van het aantal slachtoffers. Dieren worden actiever en de populaties worden groter door voortplanting. Trekgedrag, vaak van jonge onervaren dieren die de omgeving gaan verkennen of worden verdreven uit de territoria en ook paringsgedrag, dragen bij aan het aantal slachtoffers. Dit uit zich in pieken in het aantal slachtoffers in het voorjaar en met name het najaar. Zoogdieren worden vaker slachtoffer dan vogels, onder meer doordat ze de wegen lopend oversteken. Egel en Konijn zijn de meest algemene slachtoffers, hetgeen niet alleen het gevolg is van de voorkomende aantallen, maar ook van het feit dat ze wegbermen gebruiken als leefgebied en-of foerageergebied. Dit laatste maakt ook de Kerkuil tot een regelmatig voorkomend slachtoffer. Uit een in september 2009 uitgevoerde test en aanvullende gegevens komt naar voren dat bij de reguliere inspecties een deel van de slachtoffers wordt gemist, ook als ze worden aangevuld met losse waarnemingen. Redenen hiervoor zijn dat slachtoffers over het hoofd gezien worden, omdat ze klein, plat gereden of onherkenbaar zijn, of diep in de berm, bermsloot of het achterland liggen. Ook kunnen dieren zijn weggehaald door derden, of opgegeten of versleept door aaseters. Niet verwacht is echter dat het verschil zo groot zou zijn. Bij kleine tot middelgrote dieren als egels, konijnen en hazen, lijken de werkelijke aantallen slachtoffers minimaal een factor tien groter te zijn dan de geregistreerde aantallen. Het is niet onwaarschijnlijk dat dit ook geldt voor grotere dieren als de Ree. Als dit werkelijk zo is, dan ligt het totale aantal doodgereden dieren op de provinciale wegen niet boven de 2000, maar boven de 20.000 per jaar! Dieren van het formaat Merel of kleiner zijn daarin nog niet meegerekend, laat staan amfibieën en insecten.</dc:description>
		<dcterms:references>K:\BAB-Archief\2019\190100</dcterms:references>
		<dcterms:relation>190100_035</dcterms:relation>
		
			<dc:relation>https://www.geoportaaloverijssel.nl/attachment/fbebd3ba-952c-4046-9605-c10d985827a8/035_2010_Faunaslachtoffers_in_2008-2009_op_provinciale_wegen_in_Overijssel.pdf</dc:relation>
		
		<dc:type>Rapport</dc:type>
		
			<dc:typeresearch>Onderzoek</dc:typeresearch>
		
		<dc:creator>Provincie Overijssel: eenheid Publieke Dienstverlening</dc:creator>
		<dc:publisher>Provincie Overijssel</dc:publisher>
		<dc:contributor>Provincie Overijssel</dc:contributor>
		<dc:rights>Geen restricties</dc:rights>
		<dc:rights rdf:datatype="gebruiksrestricties">De bron mag ook voor externe partijen vindbaar zijn</dc:rights>
		<dc:format>Adobe Acrobat: PDF</dc:format> 
		<dc:source>P.G.A. ten Den, P. Bremer, P.W. Hendriksma</dc:source>
		
			<dc:date>2010-09-30</dc:date>
		
		
			<dcterms:issued>2024-08-27</dcterms:issued>
		
		<dcterms:valid>
			
			
		</dcterms:valid>
		
		
			<dc:subject>theme: floraFauna</dc:subject>
		
			<dc:subject>theme: natureLandscape</dc:subject>
		
		<dc:language>Nederlands</dc:language>
		<ows:WGS84BoundingBox>
			<ows:LowerCorner>52.115 7.090</ows:LowerCorner>
			<ows:UpperCorner>52.853 5.791</ows:UpperCorner>
		</ows:WGS84BoundingBox>
	</rdf:Description>
</rdf:RDF>